Zefke Mols kamer

Zefke werd geboren te Sittard op 11 juli 1874 en overleed op 15 september 1955. Hij was de tweede zoon uit een gezin met acht kinderen. Zefke kwam uit een geslacht van marskramers. Op zijn 15e kreeg hij werk als leerling-sigarenmaker bij Arnolds in Wehr (Duitsland). In 1907 werd hij naar verschillende plaatsen in Duitsland uitgezonden om verkooporders voor het bedrijf te krijgen. Toen in 1908 tijdens feestelijkheden in Karlsruhe een man werd vermoord, werd hij opgepakt, eindeloos verhoord en zonder bewijs veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Na bijna zeven jaar onschuldig te hebben gezeten, ging in november 1914 de celdeur voor hem open. De échte moordenaar was vanwege de eerste wereldoorlog opgeroepen voor militaire dienst. Hij ging liever de gevangenis in, dan te vechten aan het front en daarom heeft hij zich toen zelf bij de politie aangegeven.

Na zijn ontslag uit de gevangenis, leidde hij een zwervend bestaan. Hij knapte karweitjes op voor boeren in ruil voor eten en onderdak. Hij zwierf tot in Frankrijk en in 1928 kwam hij weer in Sittard terecht. Veel Sittardenaren stopten Zefke wat toe tijdens zijn wandelingen door de stad: sigaren, worst of andere etenswaren. Zefke was van Sittard en het leek of hij iets uitstraalde, dat respect afdwong. Slapen deed Zefke Mols aan de stadswal aan de voet van een oude kastanjeboom onder de vrije hemel. Wassen gebeurde aan de oude waterpomp op de markt. Toen Zefke Mols in september 1955 dood werd gevonden - in zijn slaap overleden op 81-jarige leeftijd, ging er een schok door Sittard.